Negatieve rente

door Joeri Oudshoorn, laatst gewijzigd op 30 januari 2003

Wat kan er anders?
Geld moet, als je er niets mee doet, niet meer waard worden, maar minder. Er moet een rottingsbelasting worden ingevoerd, die een percentage is van het vermogen dat je ongebruikt laat. Wanneer je geld uitleent, wordt de rottingsbelasting over dat geld niet geheven.

Waarom?
De bedoeling is via rottingsbelasting hetzelfde effect te bereiken als via rente, maar zonder de negatieve gevolgen van rente.
Allereerst rente: rente zorgt ervoor (positief) dat mensen die geld hebben dat beschikbaar stellen aan mensen die geld nodig hebben. Dat principe zorgt ervoor dat geld als ruilmiddel goed kan worden gebruikt, en de functie 'ruilmiddel' is de belangrijkste functie van geld. Heb je ergens een tekort aan ruilmiddel, dan kun je dat ruilmiddel via leningen halen bij een plek waar er een overschot aan ruilmiddel is. Vergelijk het met een appel. Ik heb een appel over, en jij hebt nu een appel nodig. Als ik je nu de appel leen, heb jij geen probleem meer. Ik had die appel over, dus ik leen hem uit liefdadigheid uit aan je. Ik krijg immers niet meer dan een appel terug. In die liefdadigheid zit het probleem: niet iedereen is liefdadig.
Met het systeem van rente wordt het voor mij voordelig om die appel uit te lenen. Ik krijg er immers meer appel voor terug. Ik wordt dus beloond voor het uitlenen.
Rente heeft nog een tweede (negatief) effect. Als ergens een berg geld is, zal die uit zichzelf groeien. Het korte termijn voordeel (rente zorgt ervoor dat geld als ruilmiddel beschikbaar blijft) levert op langere termijn een nadeel op: steeds meer rente is nodig om een steeds grotere berg geld als ruilmiddel beschikbaar te houden. Dat extra geld moet verdiend worden buiten die berg, juist waar er een tekort aan geld is.
Met rottingsbelasting kan hetzelfde eerste effect bereikt worden als via rente, maar zonder het negatieve tweede effect. Vergelijk het maar weer met die appel.
Als ik een appel over heb, en ik leen hem uit, dan krijg ik later een appel terug. Misschien heb ik die dan wel nodig. Als ik de appel niet uitleen, gaat hij op een gegeven moment rotten. Mijn appel verdwijnt langzaam, uit zichzelf. Door de appel uit te lenen, kan ik de appel als het ware conserveren. Hij blijft langer houdbaar.
De rottingsbelasting is een belasting op het geld dat je over hebt en niet ter beschikking stelt aan anderen. Net als een appel rot geld dan langzaam weg. Maar als je het uitleent, conserveer je het, blijft het langer houdbaar.
De stimulans om geld uit te lenen blijft, terwijl nu het geld automatisch wegstroomt van de plekken waar het zich ophoopt. De eigenaar van het geld kan zijn geld houden, maar het geld blijft als ruilmiddel voor anderen beschikbaar.

Eerdere discussie
Actie Strohalm heeft over geld een heel interessant boekje geschreven. Het heeft 'Voor hetzelfde geld' en is uitgegeven door Uitgeverij Jan van Arkel.


Ik ga graag in discussie over dit idee. Waarom is het goed of slecht? Wat zijn de gevolgen? Welke onvoorziene consequenties kan dit idee op andere tereinen hebben? Kan dit in Nederland geregeld worden, in Europa, of alleen op wereldschaal?

Reacties zijn welkom op politiek@joerioudshoorn.nl. Misschien breng je me op andere gedachten of heb je argumenten die hier niet mogen missen.